|
Borstprothesen en Sclerodermie |
|
|
|
|
In de medische literatuur vind ik geen aanwijzingen voor de samenhang tussen siliconen borstprothesen en het ontstaan van sclerodermie, hoewel die wel ooit met elkaar in verband zijn gebracht. Is er desalniettemin bekend hoeveel vrouwelijke sclerodermie-patiënten tevens borstprothesen hebben? En meer in het bijzonder: of die patiënten sclerodermie hebben ontwikkeld nadat hun prothese gescheurd bleek te zijn? Ook al zegt dit op wetenschappelijk niveau weinig, toch ben ik zeer geïnteresseerd in het antwoord, voor zover dit bekend is.
Antwoord:
Naar aanleiding van uw vraag betreffende de relatie sclerodermie en siliconen borstprothese kan ik u de volgende antwoorden geven.
Verschillende groepen hebben aangetoond, dat siliconen borstprothesen geassocieerd zijn met vaker voorkomen van autoantistoffen, die voor kunnen komen bij sclerodermie. Daarnaast kunnen in verwijderde siliconen borstprothesen eiwitten gevonden worden, die relevant zijn voor de ontwikkeling van sclerodermie.
Uw vraag is nu, hoe vaak hebben patiënten met siliconen borstprothesen sclerodermie ontwikkeld. In de literatuur is terug te vinden, dat tussen 1993 en 2003 ongeveer 30 patiënten beschreven werden, die een sclerodermie en/of een sclerodermie-achtig ziektebeeld ontwikkelden na siliconen borstprothese implantatie. De hypothese is, dat de siliconen borstprothese in de meeste gevallen gescheurd zou zijn dan wel zou lekken, zonder dat er een scheur aantoonbaar is. Incidenteel is ook beschreven, dat patiënten een autoimmuunziekte ontwikkelen, die dan weer verdwijnt na het verwijderen van de siliconen borstprothese.
|