Nationale vereniging voor lupus, APS, sclerodermie en MCTD
Open menu

Problemen oplossen


Wat is de oorzaak?

Bij problemen op het werk, moet je eerst nagaan wat de oorzaak is. Vaak kun je dit samen met je bedrijfsarts en hulpverlener(s) achterhalen. Is er iets mis met de behandeling en je medicijngebruik, je leefstijl of veroorzaakt de werkplek de problemen? Wanneer je antwoord op deze vraag hebt, kun je op zoek gaan naar de oplossing.

Tip

Neem zelf het initiatief om problemen op te lossen en ga na wat mogelijke aanpassingen zijn. Als ervaringsdeskundige weet je het beste wat wel en wat niet werkt. Wanneer je zelf al oplossingen hebt bedacht, kun je deze met je leidinggevende en de bedrijfsarts bespreken.

Online scans en tools

Je kunt hierbij gebruikmaken van mijnwerkscan.nl. Deze scan geeft je binnen tien minuten meer inzicht in je werkvermogen plus adviezen om je werksituatie te verbeteren. Je werkvermogen is de mate waarin je lichamelijk en geestelijk je huidige werk kunt doen. Deze scan helpt je om een goed evenwicht te bewaren tussen je inzet en belastbaarheid, zodat je met meer plezier aan het werk blijft. Het is mogelijk om naar aanleiding van deze werkscan een gesprek aan te vragen met een deskundige. Hieraan zijn kosten verbonden. Werkgevers zijn vaak bereid deze kosten te vergoeden.

Met de online EigenWerkWijzer ontdek je hoe je zo optimaal mogelijk je werk kunt blijven doen. Met optimaal bedoelen we: voor langere tijd het beste uit jezelf en je leven halen, zonder op te branden. Je gaat in de EigenWerkWijzer na wat je beperkingen zijn, en waar passend werk voor jou aan zou moeten voldoen. Wat voor werk je ook doet, je hebt altijd te maken met anderen: je werkgever, je collega’s of klanten. Zo nu en dan moet je met hen praten over je mogelijkheden en beperkingen en wat je nodig heeft om goed je werk te kunnen doen. In de EigenWerkWijzer onderzoek je wie belang heeft bij informatie over jou, en op welk moment deze informatie gedeeld kan worden. Je gaat ook na met wie welke afspraken moeten worden gemaakt. De EigenWerkWijzer vindt je bij Blik op Werk.

Je werk aanpassen

Het kan zijn dat je door je klachten je oude werk niet meer – volledig – kunt blijven doen. Dit betekent niet automatisch dat je je baan moet opgeven of dat je arbeidsongeschikt wordt verklaard. Vaak zijn er aanpassingen van je werk mogelijk, waardoor je toch kunt blijven werken. Je werkgever is verplicht actief aan deze aanpassingen mee te werken.

Andere taken

De werkgever moet zorgen voor aangepast werk als je het oude werk niet meer kunt doen. Misschien kun je door je klachten niet meer al je werkzaamheden doen, maar nog wel een gedeelte ervan. Bepaalde taken kunnen dan door collega’s worden overgenomen of misschien helemaal vervallen. Dit kan betekenen dat je werkgever je gedeeltelijk ziek meldt. Je krijgt dan te maken met de Wet Verbetering Poortwachter. Voor jou en je werkgever schept dat verplichtingen. Meer hierover lees je op de site van het UWV.

Probeer in overleg met je leidinggevende en de bedrijfsarts tot wederzijdse aanpassingen te komen. Dit heet ook wel job carving: het op maat snijden van taken en functies binnen een organisatie.

Aangepaste werkplek

In de Arbowet staan allerlei maatregelen die genomen moeten worden om werknemers veilige, gezonde werkomstandigheden te geven.

Het kan nodig zijn dat je werkplek wordt aangepast. Misschien heb je bijvoorbeeld baat bij een rustiger werkplek. Of misschien zijn er aanpassingen aan je auto, stoel of bureau nodig, zodat je minder last hebt van je gewrichtsklachten. Ook hiervoor kan je werkgever premiekorting krijgen.

Volgens de Arbowet moet de werkgever ervoor zorgen dat je de bedrijfsarts moet kunnen bezoeken als je vragen heeft over werk en je gezondheid. Je mag dit zelf desgewenst anoniem aanvragen. De bedrijfsarts koppelt alleen iets terug aan je werkgever als iets noodzakelijk is voor de uitvoering van je werk. En alleen met jouw toestemming.

Aanpassingen die persoonsgebonden zijn – je hebt bijvoorbeeld een speciale beeldschermbril nodig – moet je zelf aanvragen bij het UWV. Het gaat hierbij om aanpassingen die je mee kunt nemen naar een andere werkplek. Je hoeft geen arbeidsongeschiktheidsverzekering te hebben om hiervan gebruik te kunnen maken. Meer informatie hierover vind je op www.uwv.nl.

Een andere baan bij je huidige werkgever

Een andere mogelijkheid is dat je bij je huidige werkgever een andere baan gaat doen. Dit gebeurt meestal in overleg met de bedrijfsarts die jouw werkgever ondersteunt bij de ziekteverzuimbegeleiding en de arbeidsre-integratie (arbeidsre-integratie wil zeggen: weer aan het werk gaan, uitgaand van je mogelijkheden). De bedrijfsarts kan bepalen tot welke werkzaamheden je nog wel in staat bent.

Andere werktijden

Misschien kun je je werktijden of rooster aanpassen. Als je door stijve gewrichten ’s ochtends moeilijk op gang komt, is het misschien beter een uur later te beginnen. Misschien heb je baat bij langere pauzes of is het beter een dag in de week vrij te nemen. Probeer samen met je leidinggevende te bekijken wat de mogelijkheden zijn.

Tips

Mensen met een systeemziekte noemen zelf de volgende ingrepen:

  • Parttime, dus minder gaan werken.
  • Gedeeltelijk of helemaal thuiswerken.
  • Zelf de uren invullen: later beginnen wanneer dat nodig is, eerder weg indien gewenst.
  • Duidelijk je grenzen aangeven en tijdig hulp inroepen, zonder in de slachtofferrol te kruipen, daarmee roep je vaak irritatie op.
  • Zorgen dat er een verwarmingselementen en/of een boiler aanwezig zijn als je last hebt van dode vingers.
  • Met je werkgever onderhandelen over flexibiliteit. Bijvoorbeeld: in ruil voor een ziekenhuisbezoek langer doorwerken na werktijd. In ruil voor die flexibiliteit kun je dan ook een keer je vakantie-uren inzetten voor een doktersafspraak.
  • Met je werkgever afspreken dat je geen taken krijgt waar een deadline aan vastzit, zodat het minder erg is als je eens een keer een middag uitvalt.
  • De positieve kanten van je ziekte benadrukken: je bent een echte doorzetter. Je blijft niet om een verkoudheid thuis.
  • Open en duidelijk zijn over je ziekte. Geef uitleg wanneer je collega’s vragen hebben of het niet snappen.
  • Je collega’s en werkgever goede informatie geven over je aandoening: verwijs ze naar deze website.

Steun

Wanneer je er samen met je werkgever niet uitkomt, is er professionele hulp, zoals de bedrijfsarts.

Bedrijfsarts

De meeste bedrijven werken samen met een bedrijfsarts, die doorgaans in dienst is bij een Arbodienst. De bedrijfsarts begeleidt zieke werknemers. Als je door je ziekte problemen hebt op het werk – of problemen dreigt te krijgen -, kan het advies van een bedrijfsarts zinvol zijn. De inzet van dat advies is om je werk zo te organiseren, dat je je werk goed kunt doen. Een iets ander takenpakket, thuiswerken, hulp bij bepaalde zaken, misschien andere werktijden – er zijn allerlei mogelijkheden.

Job coach

Op grond van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen kun je in aanmerking komen voor begeleiding door een ‘job coach’, iemand die je helpt bij allerlei zaken rondom het werk.

Hoe vind je professionele hulp?

Er zijn gespecialiseerde dienstverleners (zoals job coaches) die je kunnen helpen bij het behouden of vinden van werk. Deze kun je vinden via de Kwaliteitsgids van Blik op Werk .

Alle dienstverleners in deze gids hebben het Keurmerk van Blik op Werk. Dit keurmerk staat borg voor de basiskwaliteiten en de betrouwbaarheid van ondersteuning bij het vinden en behouden van werk. Ook inkopers als het UWV, werkgevers en gemeenten gebruiken deze gids.

In de gids kun je zien welke diensten ieder bedrijf biedt. Ook kun je inzien welke resultaten het bedrijf heeft geboekt en hoe de ervaringen van eerdere gebruikers zijn. Je kunt zoeken bij je in de buurt en bepaalt dus zelf met wie je in zee gaat.

Gesprekken voeren

Hier volgen tips die nuttig kunnen zijn voor het voeren van gesprekken.

  • Zorg altijd voor voldoende persoonlijke gegevens en informatie: schriftelijke gegevens van je arts, uitslagen van onderzoeken, brochures, relevante artikelen over je aandoening, je eigen aantekeningen, logboek enzovoort.
  • Wees zo volledig mogelijk. Vertel niet alleen wat je allemaal kunt op een goede dag, maar ook wat je wel en niet kunt op een slechte dag.
  • Oefen gesprekken met je werkgever en/of bedrijfsarts van tevoren. Zo zorg je ervoor dat je de informatie over je klachten en de gevolgen voor je functioneren paraat heeft. Ook leer je zo beter hoe je om kunt gaan met het beantwoorden van kritische vragen.
  • Schrijf al je vragen van te voren op en neem iemand mee naar het gesprek. Vertel diegene wat je allemaal wilt bespreken.
  • Maak een kort verslag van het gesprek. Leg in ieder geval de afspraken vast en de reden voor die afspraken. Geef je gesprekspartner een kopie van je verslag.

Actuele informatie

Blijf op de hoogte van de huidige wetgeving. Regelingen rondom werken met een chronische ziekte veranderen regelmatig, dus zorg voor actuele informatie.

Maak gebruik van alle beschikbare kennis en adviezen. Laat je informeren door onafhankelijke instanties en schakel deskundigen in, bijvoorbeeld via de ondernemingsraad (OR), een vakbond, rechtsbijstand of een organisatie voor mensen met een aandoening of beperking, zoals Ieder(in) en MEE.